De Grote Verdwijntruc – Deel 2

Waar waren we gebleven?

Een ver familielid die mij uit Frankfurt weg wou rijden.
Je kan niet geloven hoe gelukkig ik toen wel niet was. Een ganse dag door Frankfurt dwalen was, op zijn minst gezegd, niet goed voor mijn mentale gezondheid geweest.
Maar die avond zou nog vanalles verkeerd gaan. Na tussenstops in Hanau en een paar plaatsen tussen Aschaffenburg, kwam ik aan in Aschaffenburg. Ik werd er gedropt door 2 sympathieke Aschaffenburgenaren. Ze hadden me afgezet op een plek waar ik, volgens hen, direct een lift zou moeten krijgen naar Wurzburg. Think again.
Ik heb er de ganse nacht moeten doorbrengen. Een koude nacht waarin niemand, maar dan ook niemand voor me stopte.
Moe en versleten ging ik dan maar, tegen de ochtend aan, op zoek naar een betere liftplek. Die vond ik aan de andere kant van de stad. En na nog eens uren gewacht te hebben werd ik eindelijk opgepikt. Het was wel niet voor ver, maar toch. Ik was weg en daarmee was ik al uiterst tevreden. Toen kon mijn dag blijkbaar niet meer stuk. Die voormiddag en een stuk van de namiddag tenminste.

Na een paar tussenstops werd ik ergens tussen Aschaffenburg en Wurzberg opgepikt door een nogal gekke Duitse vrouw. Zij heeft me helemaal meegenomen tot aan Passau, aan de Tjechische grens. En dit terwijl het totaal niet de bedoeling was. Eerst ging ze me meenemen tot Wurzberg, dan naar Nurnberg, dan tot Regensburg en uiteindelijk tot Passau. We zijn zelfs even in Regensburg gestopt om een toeristisch uitstapje te maken. Een mooie stad die me wel wat deed denken aan Trier *wink* en het eerste moment in 2 dagen dat ik wat tijd had om wat te ontspannen.

Maar toen kwam ik aan in Passau. Of eerder; ergens in Passau. Ik heb zeker een 5-tal kilometer moeten wandelen voor ik de mooie Donnau en het pitoreske stadje Passau tegenkwam. Mooi, dat zeker, maar blijkbaar niet de beste plek om een lift te versieren in de richting van Tsjechië. Damm it Jong!
Een lift van een Hamburgse, die naar daar verhuisd was om dichter bij haar kerk te zijn, bracht me in Freyung. Maar voorbij Freyung kwam ik al snel, weeral, vast te zitten. Het werd dus de nacht doorbrengen op maar een paar kilometers van de grens, op een weg die volledig niet verlicht was en waar het eerstvolgende dorp kilometers ver weg lag. Een hel! een hel!

Pas nadat het terug licht begon te worden is het mij gelukt om een rit tot over de grens te krijgen. Dag 4 was aangebroken en ik was verheugd om nog maar 1 land door te moeten. Toen had ik nog de hoop om tegen de avond in Krakow te geraken. Ijdele hoop.
Maar toch.
In Vimperk kon ik al snel met een vrachtwagenchauffeur meerijden tot Praag. We hebben er wel 5 uur over gedaan omdat hij verschillende bestellingen onderweg moest bezorgen, maar ik wou, nu ik zo ver kon geraken, niet uit de truck weg. En het was ook de eerste kans in 4 dagen dat ik had om even mijn ogen dicht te doen. En wat een deugd dat dat deed.

In Praag dan. In Praag stond ik op de buitenring en omdat mijnheer de truckchauffeur zijn Duits niet zo goed was, had hij mij blijkbaar op de verkeerde plek afgezet. Dan maar te voet. Na toch een aantal uur vond ik dan een tankstation, waarna het zeker nog een uur duurde voor ik een lift kreeg, weg van Praag. Tot een ander tankstation. Gelukkig werd ik daar snel een rit aangeboden. Tot en met Ostrava dat bijna aan de Poolse grens ligt. Mijn hoop werd steeds groter en groter.

Maar het moge gezegd worden. Als de hoop groot is dan is de val groter… en doet meer pijn.
Het werd al bijna donker toen we aankwamen in Ostrava, maar gelukkig had ik ook daar snel een lift naar een nabijgelegen stadje; Harivov. En daar begon de miserie weer.
De volledige nacht heb ik mogen rondzwerven zonder dat er een auto stopte. Ik was moe en ik wou steeds meer en meer dat ik in Passau gewoon in Donnau was gesprongen. Het zou alleszins geen natter resultaat gegeven. Want gedurende de nacht was het dan nog een oude wijven beginnen gieten. Het was niet meer normaal te noemen. Zeiknat! dat was ik! En dan nog eens tegengehouden worden door de flikken die mijn paspoort vroegen en mijn rugzak doorzochten. Gelukkig voor mij had ik mijn oud internationaal paspoort, dat al 7 jaar geleden verlopen was, bij me. Ik was de wanhoop nabij. Maar alles wordt blijkbaar beter als de zon opkomt.

De 5de dag onderweg was begonnen.
En gelukkig zou het de laatste dag worden. In maar 2 ritten was ik in Krakow. Aan de grens heb ik wel gans de voormiddag moeten doorbrengen voordat vriendelijke Polen me tot Katovic brachten. En daar had ik een directe lift naar Krakow.

In Krakow aangekomen ben ik met een grote glimlach doorheen de stad naar de jeugdherberg gelopen. Met een glimlach die echt niet groter kon zijn. Niet groter.

Aangekomen in de jeugdherberg moest ik direct naar België bellen. Want blijkbaar had iedereen zich zoveel zorgen om mij gemaakt dat ze gans Fyeg gemobiliseerd om naar mij te zoeken. Die dag was zelfs de politie aanwezig geweest in het Jong Groen! secreteriaat te Brussel.
Maar ik ben veilig. Ik ben in Krakow. En dit gaat me voor de rest van mijn leven achtervolgen.
Maar ik ben in Krakow.

In Krakow.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s